Vrijdag 30 Augustus 2013 om 23:03

Binnenkort vernieuwd!

Achter de schermen wordt hard gewerkt aan een geheel nieuwe www.robbertbaruch.nl! Paar weekjes nog :-)

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter

Donderdag 25 Juli 2013 om 20:29

Grassroots en Astroturf: de verborgen lobby

Voor het eerst in het bestaan van de Beroepsvereniging voor Public Affairs (BVPA) is er een lid berispt. De betreffende lobbyist heeft aan (pseudo-)klanten (namelijk journalisten die deden alsof ze een bedrijf hadden) geadviseerd om voor het bereiken van commerciele doelen een ideele stichting op te richten. Daarmee handelt de adviseur in strijd met artikel 1.1 van het Handvest van de BVPA, dat zegt:

De public affairs beoefenaar is in alle gevallen open en eerlijk in zijn/haar contacten met politici, ambtenaren en andere belanghebbenden. Hij/zij spreekt altijd de waarheid over wie hij/ zij is en voor wie hij/zij werkt en welke belangen hij/zij vertegenwoordigt.

Ik weet niet zeker of de betekenis van dit artikel nu opgerekt wordt; als ik het goed heb begrepen heeft de adviseur alleen aan de (psuedo-)eigenaren van het (pseudo-)bedrijf geadviseerd om een stichting op te richten om de commerciele bedoelingen te koppelen aan een ideeel doel en zo makkelijker binnen te komen bij politici. Hijzelf sprak dus niet met politici namens die stichting, en deed zich dus niet anders voor; hij heeft het "slechts" geadviseerd.

Op zich is dat erg genoeg. Politiek kan alleen functioneren als duidelijk is wie precies welke belangen behartigt.

Toch zijn er kanttekeningen te maken.

Om te beginnen is het opmerkelijk dat het niet lobbyisten zijn die het voortouw nemen in het op oneigenlijke manier lobbyen, maar -alweer- journalisten. In 2011 speelde iets soortgelijlks in het Europees Parlement: daar deden  journalisten of ze lobbyist waren, en benaderden 60 Europarlementariers met de vraag of ze in ruil voor geld bepaalde amendementen wilden indienen. Drie Europarlementariers wilden dat wel. In dit geval ging het de journalisten om het aan de kaak stellen van het gedrag van Europarlementariers, waren het journalisten die omkochten, maar leidde het tot strengere regels voor... lobbyisten. Hoewel er geen bewijs was dat lobbyisten daadwerkelijk op dergelijke manieren te werk gingen. 

Ik ken de lobbywereld goed, en ik denk niet dat dit soort praktijken vaak voorkomt. Lobbyisten zijn immers afhankelijk van hun netwerk onder politici, en als je bekend staat als een omkoper gaat dat ten koste van je reputatie en wil niemand meer met je praten. Weg netwerk. Maar ik kan het ook niet uitsluiten. Zeker als het gaat om grote bedragen zijn opdrachtgevers bereid om grote risico's te nemen. Ik ben het zelf alleen nooit tegengekomen.

Ten tweede: in de lobby wordt een commercieel doel bijna altijd aan een hoger doel gekoppeld, en het gebeurt wel vaker dat een commercieel doel mooi verpakt wordt. Er zijn hier twee smaken in: grassroots lobbying (ofwel indirect lobbyen) is de manier van lobbyen waarbij groepen burgers worden ingezet. Op zich is dat een goede manier van burgerparticipatie, maar het wordt problematisch als het wordt gebruikt om commerciele belangen te dienen. Soms weten de mensen zelf niet eens dat ze zo gebruikt worden. Het kan gebeuren dat een commercieel bedrijf (al dan niet gedeeltelijk) dezelfde belangen heeft als een groep burgers, en deze groep daarom financieel steunt. Ik heb in Brussel wel eens de Responsible Energy Citizens Coalition gezien:  een burgercoalitie voor schaliegas. Jaja.

Astroturfing is een manier van lobben waarbij een stichting met een ideeel doel wordt ingezet om de commerciele doelen te verbergen. Een voorbeeld hiervan is de National Smokers Alliance, een ideeele stichting die opkwam voor de rechten van rokers en er in slaagde sommige anti-rookwetten tegen te houden, totdat men erachter kwam dat onder andere Philip Morris erachter zat. 

Kortom: als de belangen groot zijn, kunnen bedrijven zich mooi vermommen. Dat is ook moeilijk met regels tegen te houden, want alle middelen worden ingezet: via de media, de wetenschap, burgerinitiatieven. In feite is iedereen die de politiek benadert lobbyist. Als een politicus zou moeten bijhouden met wie hij allemaal zou praten, zou hij daar alleen al een dagtaak aan hebben. Dat is dus niet de oplossing. Tranparantieregisters en Handvesten zijn maar een gedeeltelijke oplossing; omdat belangenvertegenwoordigers die zich verkleden als wetenschapper, woordvoerder, bezorgde burger of advocaat er meestal buiten vallen.

Een eerste oplossing zit bij de pers. Journalisten moeten zich bij ieder wetenschappelijk onderzoek, burgerinitiatief of handtekeningenlijst afvragen wie erachter zit en welk doel het dient. Wie heeft ervoor betaald? Wie heeft er baat bij? Deze vragen worden niet altijd gesteld. Soms is de naiviteit grenzeloos.

Maar de verantwoordelijkheid ligt vooral bij politici. Het is hun vak bovenstaande vragen te stellen, afwegingen te maken die breder zijn dan wat hen wordt voorgeschoteld en door te denken over wat de andere kant van het verhaal is.

Als zij geen eerlijke afweging maken is dat erger dan dat er een verkeerd standpunt wordt ingenomen, of zelfs dat er een bedrijf wordt bevoordeeld: het is het einde van de democratie. Politici moeten vriendelijk en argwanend zijn, en zich telkens afvragen of ze wel praten met wie ze denken te praten. 

Kortom: het is goed dat lobbyisten zich aan de regels houden, maar de verantwoordelijkheid om door te vragen, sceptisch en kritisch te zijn en beslissingen te nemen die in het belang zijn van de héle maatschappij berust bij de politici, en zij moeten dan ook daar op aangesproken worden. Als zij niet doorvragen is dat (hun) fout.

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter

Dinsdag 09 Juli 2013 om 13:32

Mail van Xandra

Lees deze mail van Xandra en sponsor haar, al is het maar voor een klein bedrag:

Lieve vrienden,

Op zondag 8 september spring ik weer de Amsterdamse grachten in om aandacht te vragen voor ALS en om geld in te zamelen voor onderzoek dat zo nodig is om deze verschrikkelijke ziekte de wereld uit te helpen. 

Vorig jaar was de Amsterdam City Swim voor Weert-Jan, Beau en mij een prachtige, heftige, emotionele dag met een aaneenschakeling van hoogtepunten: het enthousiasme van alle zwemmers, de zeer royale steun van alle donateurs, de super professionele organisatie, de betrokkenheid van alle vrijwilligers, de aanmoedigingen van de ruim 200.000 toeschouwers langs het parcours, de deelname van Prinses Maxima, het prachtige weer, de emoties bij de finish, het waanzinnig mooie bedrag van EUR 740.000 dat met deze unieke zwemtocht is opgehaald! Al deze elementen droegen ertoe bij dat het voor ons een van de meest bijzondere dagen van ons leven was en we koesteren deze herinnering dan ook met veel warmte in ons hart. 

Hoe nodig het is om te blijven strijden tegen ALS, bleek ook weer op die dag toen ik met Weert-Jan en Beau op het podium stond om de cheque in ontvangst te nemen. Beau stond naast mij, enigszins beduusd door alle aandacht en vroeg met ontroerende, hoopvolle stem "Mamma, kunnen de dokters met dat geld zorgen dat pappa beter wordt en weer kan lopen? Kan pappa dan met mij voetballen?"   Met tranen in mijn ogen en pijn in mijn hart heb ik Beau toen uitgelegd dat dat voor pappa niet zou lukken, maar hopelijk wel in de toekomst voor andere pappa's en mamma's met ALS, omdat het geld wordt gebruikt om een medicijn te vinden tegen ALS. 

Om ervoor te zorgen dat kinderen deze verdrietige vragen niet meer hoeven te stellen over een paar jaar, spring ik 8 september weer de grachten in. Maar uiteraard en vooral ook voor mijn bewonderenswaardige positieve held Weert-Jan. Iedere dag staat hij met nieuwe moed en kracht op om de dag weer aan te gaan. Ook al zijn de nachten inmiddels niet meer zo rustgevend, hij blijft zijn zoon 's ochtends met een grote glimlach begroeten. Hij geniet nog steeds van de geneugten van het leven: heerlijk eten en drinken, vrienden over de vloer, en sport kijken op tv en internet. Ook zet hij zich nog actief in als bestuurslid van de Stichting ALS. Zo draait hij, ondanks zijn ziekte, nog mee in het maatschappelijk leven en draagt hij zijn steen bij om ALS van de kaart te krijgen. 

De kans dat Weert-Jan de Amsterdam City Swim in 2014 zal kunnen meemaken, wordt steeds kleiner. Het is helaas de harde werkelijkheid dat Weert-Jan's lichaam steeds verder verzwakt. Zijn spier- en energiereserves beginnen op te raken en mentaal is het steeds moeilijker om de ziekte te dragen. Ik zal dit jaar daarom met nóg meer motivatie de grachten inspringen en 2km zwemmen. Voor Weert en alle andere bewonderenswaardig moedige ALS strijders. 

De eerste trainingsmeters in zwembaden en in het buitenwater zijn al gemaakt. Maar ik heb nog heel wat trainingsuren te gaan voordat ik 2013 meter (80 banen in een 25m zwembad!), hopelijk grotendeels borstcrawlend, kan afleggen in golvend buitenwater. Dus zal ik onder aanmoedigende blik van Weert-Jan tijdens onze zomervakantie heel wat baantjes trekken in Zuid-Franse zwembaden. 

Jouw steun is hard nodig in de voortdurende strijd tegen ALS. Sponsor jij mij naar de finish van de Amsterdam City Swim 2013? Donaties zijn zeer welkom via mijn persoonlijke pagina op de ACS site:

http://amsterdamcityswim.nl/nl/xandra-niehe

Heel veel dank en hopelijk tot 8 september!

Veel liefs,

Xandra

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter

Zondag 07 Juli 2013 om 23:21

Geen hek om Egypte.

Een paar dagen geleden liep ik langs een paar schilders die het over Egypte hadden. "Laten ze mekaar afmaken", zei de één. En de ander zei "Hek eromheen en dan kijken we over een paar jaar wel weer".

Op zich begrijpelijk. Niets is menselijker dan je niet willen mengen in een conflict dat het jouwe niet is. En dan vooral bij zo'n complex conflict als in Egypte. Maar de menselijke natuur schrijft ook voor dat als de beelden te confronterend worden, er een roep komt om ingrijpen. En dan duurt het een tijdje. En dan sturen de VS troepen. Of soms de VN. Niets doen en de boel laten escaleren is dus geen optie.

Tot nu toe waren de reacties van de meeste regeringen als gebruikelijk: er is "met ongerustheid" kennisgenomen. De situatie is "zeer zorgwekkend". Uitzonderingen waren de Koning van Saoedi-Arabië die de  president van het constitutioneel hof feliciteerde met zijn benoeming tot interim-hoofd van Egypte. De Syrische president Bashar Assad is blij met de protestbeweging die Morsi ten val bracht, omdat hij in eigen land een opstand van de Moslimbroederschap de kop in drukt. Door andere landen, en vóóral door de VS en de Europese landen, wordt geen partij gekozen. We hebben er niets mee te maken. Hek eromheen.

Toch ligt er werk voor Europa. Het bloedvergieten moet stoppen. Daarnaast: hoe meer onrust in het Midden-Oosten, hoe nadeliger het voor ons is. Zakendoen wordt een stuk lastiger. En als je niet uitkijkt komt er een humanitaire ramp waar je U tegen zegt. Bovendien bestaat het risico dat de conflicten zich uitbreiden. Kortom: we kunnen het ons niet veroorloven stil te blijven zitten.

Wat het conflict in Egypte extra ingewikkeld maakt, is dat een democratisch gekozen regering is afgezet door het leger. Wij zijn niet zo dol op legers die regeringen afzetten. Vandaar dat de voorzichtigheid van de meeste regeringen heus wel te begrijpen is.

Maar in dit geval is het anders. Als er geen democratische traditie is, geen democratische instituties, en -belangrijker- geen mensen zijn die gewend zijn om in een democratische omgeving te functioneren, kan de democratie zo slecht presteren dat het klapt. Als de democratie niet levert, worden de mensen boos. En dat is precies wat er in Egypte gebeurd is.

Miljoenen mensen gingen de straat op omdat ze vonden dat het regime Morsi vooral bezig was met het invoeren van een dictatuur van de Islamitische meerderheid, en zo de democratie weer om zeep aan het helpen was. Bovendien vinden ze dat Morsi te weinig heeft gedaan om de verslechterde economie de goeie kant op te helpen. Een democratisch gekozen regering betekent niets anders dan dat er verkiezingen geweest zijn. Maar het betekent niet dat er dan opeens een democratische staat ontstaan is. Daarvoor is meer nodig: democratisch gedrag.

De Europese Unie moet erkennen dat er een nieuwe situatie is ontstaan en moet zich niet buitenspel laten zetten. Hoe? Door als winnaar van de Nobelprijs van de Vrede haar naam waar te maken en onmiddellijk de de facto regering te helpen bij het verbeteren van de economie en ervoor te zorgen dat er snel weer verkiezingen komen. Wij kunnen het ons niet veroorloven dat Egypte in chaos achterblijft. Dat er zoveel christenen, liberalen én moslims zijn die een gematigde, seculier geleide staat voorstaan, is daarbij hoopgevend. Makkelijk zal het niet zijn. De weg naar democratie is dat namelijk nooit.

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter

Zaterdag 29 Juni 2013 om 23:51

Feijenoord: hard en ruw spel.

Afgelopen vrijdag kwam het langverwachte rapport van BING over het bestuurlijk functioneren van de Deelgemeente Feijenoord uit. Wat mij betreft stonden er geen nieuwe dingen in. Het is zoetzuur dat bevestigd wordt wat ik tijdens mijn wethouderschap tegen mijn collega's, partijbestuurders en anderen dicht tegen het vuur zei, en erna verschillende keren in de krant en daarbuiten. Zoet omdat er wel eens mensen tegen me zeiden dat het allemaal nogal meeviel, zuur omdat dit functioneren zó verschrikkelijk ten koste gaat van waar wat mij betreft de PvdA voor staat, dat ik me er regelmatig voor schaam. 

De harde en ruwe omgangsvormen herken ik. Niet voor niets heb ik er indertijd voor gekozen om een appartement op Katendrecht te kopen waar ik verbleef, terwijl mijn gezin elders bleef wonen. De eerste ervaring was tijdens onze niet-beediging; tijdens de stemming over ons aantreden als college stemde een gedeelte van de fractie tegen. In mijn geval, volgens het boek Afri van Jutta Chorus, was het excuus "hij is Haags, hoogopgeleid en Joods". Bij mijn tweede publieke optreden was al bewaking nodig. Bizar dat ik het niet bizar vond. Het waren zware jaren. Maar wel jaren die ik niet had willen missen; als je érgens verschil kan maken als bestuurder of politicus, is het in een dergelijke omgeving. Van de verlichting op de Stieltjesstraat tot mijn inspanningen om nog wat van het Afrikaanderpark te maken en de pogingen om het opbouwwerk ten goede te laten komen aan alle inwoners van de deelgemeente, het opruimen van hondenpoep: ik heb me laten leiden door een artikel van Hendrik Jan Schoo: een opdracht tot feminien geploeter waar gewone burgers aan hechten

Overigens heb ik toen wel geleerd dat de harde en ruwe omgangsvormen niet uit de lucht kwamen vallen. In ieder geval twee zaken spelen mee; ten eerste zijn de Rotterdamse omgangsvormen op alle fronten wat directer dan in sommige andere steden. Iemand vertelde me eens dat dat te maken had met het zware werk in de haven, waar je pas aandacht kreeg als je schreeuwde. Ten tweede zijn veel Rotterdamse politici, en dat spreekt in hun voordeel, erg bij de zaak betrokken en nemen ze zaken persoonlijk op. Ze zetten zich niet alleen vol overgave in als ze iets willen bereiken; als ze iets niet bereiken trekken ze zich dat persoonlijk aan. In hun voordeel, want het steriele, waarden-, feiten-, en emotievrije politieke gedrag waar sommige politici zich aan bezondigen is me een doorn in het oog.

Zoals ik al vaak eerder heb gezegd; het clientelisme en nepotisme is niet voorbehouden aan de Turkse gemeenschap, en strekt zich ook niet tot de gehele Turkse (politieke) gemeenschap uit. Het waren juist de (blanke, oude) bewonersorganisaties die jarenlang macht, geld en baantjes verdeelden. Vaak samen met de lokaal PvdA-bestuur.

De reacties op het rapport zijn helaas weer als te voorspellen. Iedereen die een appeltje te schillen denkt te hebben met de Islam of de Turkse Gemeenschap heeft weer een excuus om de gebruikelijke haat te ventileren; vanuit gematigder poiitieke hoek komen vooral procedurele opmerkingen: we zijn "geschrokken", we gaan "onderzoeken", "praten" en "naar oplossingen zoeken". En dan volgt ongetwijfeld een "aanpak". 

En dat terwijl het zo simpel is. Clientelisme is in tegenspraak met alles waar de PvdA voor staat. Juist de PvdA is voor gelijke toegang tot kennis, inkomen en macht. Bestuurders of volksvertegenwoordigers die bepaalde groepen proberen te bevoordelen horen er niet in thuis. Of je nou als Turkse bestuurder een Turkse organisatie alleen omdat ie uit je eigen mensen bestaat subsidieert, of of je nou als blanke volksvertegenwoordiger alleen maar macht probeert te verschuiven naar blanke bewonersorganisaties: dit is niet ons gedrag. Dit is niet zoals onze partij functioneert. Onze mensen mogen dit niet zo doen. 

Voor de meeste mensen is er maar één PvdA: de PvdA. Ik verwacht dat die Partij dan ook een mening heeft en uit over het BING-rapport.

Ik wil er nu eigenlijk verder over ophouden. Ik ben sinds begin 2009 weg uit Feijenoord en heb sindsdien allemaal andere leuke dingen gedaan. En ik ben Heintje Davids niet. Zie dus verder:

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter

Zondag 09 Juni 2013 om 18:38

Het is geel en het piept: de NS als kanarie

De afgelopen weken was ik om verschillende redenen in verschillende buitenlanden. Vooral New York was fascinerend. De vorige keer dat ik er was, heb ik met een aantal lokale politici gesproken over hun stad, en veel van wat ik hoorde heb ik later zelf gebruikt. Bijvoorbeeld aandacht voor buitenruimte. Een schone stad is een veilige stad. Wat me vooral opviel was het Openbaar Vervoer. De metro van New York is schoon, veilig en efficient. Als er vertraging is hoor je meteen wat er aan de hand is, en krijg je excuses voor het oponthoud. 

De trein is al even prima. Niet goedkoop, maar schoon, goed geregeld, en met (in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Thalys) werkende wifi. En een winkeltje aan boord waar je lekkernijen kan kopen en de drank die in de Verenigde Staten door moet gaan voor koffie. 

Het goed werkende en veilige metrostelsel van New York is op verschillende manieren belangrijk voor de stad. Om te beginnen stelt het mensen in staat om tegen een fatsoenlijk tarief elkaar te bezoeken. Met de metro kan je snel en veilig naar het centrum, theater, of je vrienden. Maar er is ook een ander aspect aan: voor Giuliani was de metro voor New York wat de kanarie voor de mijnwerkers was: als het vogeltje dood is, is de mijn niet OK. Voor Giuliani was de stad pas een beetje een succes als mensen op een veilige manier van A naar B vervoerd konden worden. Hij deed er dan ook alles aan om de metro veilig en comfortabel te maken. Mensen die zwartreden, zouden zich ook vast op andere manieren misdragen, dus die werden hard aangepakt. Bovendien ging er geen metrostel meer uit als er graffitti of andere viezigheid was. Kortom: de metro van New York is een symbool van hoe de stad voor zijn inwoners zorgt: door ze in een veilige en schone omgeving in staat te stellen andere mensen te ontmoeten.

Hoe anders is dat in Nederland. Ik schreef al eerder over de OV-chipkaart. Ik ben het nergens anders in de wereld tegen gekomen dat je telkens in- en uit moet checken, waarbij het risico voor jou is. Niet alleen het risico dat je niet uit kan checken omdat het ding toevallig kapot is (zoals vaak in Haagse bussen en trams), maar ook het eigenaardige systeem in Amsterdam en Rotterdam dat, als je moet overstappen op een internationale trein, eerst naar de uitgang moet lopen met je bagage om uit te checken. Dit is alleen maar uitgevonden om zakkenrollers een plezier te doen. In de meeste landen is een kaartje kopen en naar binnen lopen voldoende. 

Daarnaast: de NS. Slecht voor mijn humeur. Vanochtend, terwijl mijn kinderen op me wachtten, vertrok de trein niet van Schiphol. Eerst vanwege een vertraging van 5 minuten, toen werd er omgeroepen dat het brutr juilt uhrgt freedrtt uiiifrt eeyeu (het is de NS nog niet gelukt speakerinstallaties aan te schaffen van waaruit het geluid verstaanbaar klinkt). In de trein zelf werd niets gezegd: de conductrice (aardig en empathisch, dat mag ook wel eens gezegd) werd niet door haar collega's geinformeerd. Op internet las ik dat er rookontwikkeling was, en later veranderde die in een kapotte bovenleiding.

En dan die smerige trein. Je kon nog net zien dat er tevergeefse goedebedoelde pogingen waren geweest de graffiti weg te halen, maar het kwam niet in de buurt bij de New Yorkse metro. 

Echt, ik heb oprecht medelijden met het personeel van de NS dat iedere keer maar weer geconfronteerd worden met de frustratie van de reizigers. Maar de "boven-leiding" van de NS is in veel opzichten symbool voor wat er mis is met Nederland: gebrekkige communicatie, gebrek aan passie en betrokkenheid en veel te veel verstandige mensen die ervoor geleerd hebben en verstandige beslissingen nemen, zoals het aanschaffen van een Fyra. De liefdeloosheid straalt er van af.

Passie, betrokkenheid en je telkens afvragen wat het voor je omgeving betekent. Doe het nou gewoon. Zo simpel is het.

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter

Maandag 27 Mei 2013 om 16:37

Syrie - Europa

Een bijkomende belangrijke reden om de kinderen naar school te brengen is om op het schoolplein koffie te drinken met andere ouders die dat ook doen. Je groeit toch een beetje met elkaar op. De eerste keer, als je je vierjarige laat kennismaken, nog een beetje onzeker tegen andere ouders aanpratend. Maar tegen de tijd dat je puber de CITO-score op zak heeft, weet je precies wat opvoeden inhoudt, en heb je een volledig nieuw netwerk opgebouwd. [MW1] 

Eén van de ouders waar ik regelmatig koffie mee drink weet veel van Syrië. Hij komt er wel eens en zei me wat ik al wist; 80, nee, 95% van de Syriërs of meer maakt het niet uit wie er de baas is in dat land. Ze willen dat hun kinderen naar school kunnen. Dat ze hun land kunnen bewerken. Dat er niet geschoten wordt. Ondertussen is de werkelijkheid anders. Sinds de Arabische lente zo'n twee jaar geleden ook in Syrië uitbrak staat het dodental rond de 80.000. 20.000 worden vermist. 4 miljoen mensen zijn op de vlucht, waarvan zo'n 1.5 miljoen naar een ander land.

We moeten ons rot schamen dat we dit toelaten. De mensen die daarvoor verantwoordelijk zijn, passen dezelfde vier-fasentactiek toe die in 1986 beschreven werd in aflevering 6 van "Yes Prime Minister":

Sir Humphrey Appleby: Then we follow the four-stage strategy.
Bernard Woolley: What's that?
Sir Richard Wharton: Standard Foreign Office response in a time of crisis.
Sir Richard Wharton: In stage one we say nothing is going to happen.
Sir Humphrey Appleby: Stage two, we say something may be about to happen, but we should do nothing about it.
Sir Richard Wharton: In stage three, we say that maybe we should do something about it, but there's nothing we *can* do.
Sir Humphrey Appleby: Stage four, we say maybe there was something we could have done, but it's too late now.

Als we niet uitkijken is het straks te laat. Er is weliswaar een voorstel van Frankrijk en Engeland (gesteund door de VS) om wapens aan de opstandelingen te sturen, maar de vraag is of dat nou zo verstandig is. Wapens zullen dan in handen van terroristische organisaties, die er ook wel andere dingen mee kunnen doen dan de Ba'ath mee bestrijden. Deze wapens zouden dan ook ingezet kunnen worden tegen lokale christenen of bijvoorbeeld tegen Israël.

Hoe dan ook: de EU moet op één lijn komen. Ongecoördineerde acties van verschillende Europese landen zullen tot niets leiden en een verdeeld Europa zal helemaal tot niets komen. Een compromis zoals Frans Timmermans voorstelt, waarbij het bestaande wapenembargo onder zeer strikte voorwaarden opgeheven zal worden, zal de meest haalbare oplossing zijn. In dit soort situaties zijn er geen perfectie oplossingen; alleen haalbare.

Het alternatief zal zijn dat Syrië zo lang in burgeroorlog blijft dat de internationale gemeenschap zelf moet ingrijpen. En daar zit niemand op te wachten. Als de EU er niet in slaagt met een standpunt te komen, en een rol te spelen in het verminderen van de vijandelijkheden en het bevorderen van enige vorm van democratie, zou de EU er goed aan doen de Nobelprijs voor de vrede die ze eind vorig jaar kregen, terug te sturen. Die zijn we dan niet waard.

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter

Vrijdag 17 Mei 2013 om 20:12

Het verschil tussen lobby en nepotisme

2013-05/425596_10151377568464179_2071093359_n.jpg

Beinvloeding van politici moet zo plaatsvinden dat het de werking van de democratie ondersteunt. Politiek speelt zich niet af in de raadszaal of Tweede Kamer. De discussies die daar gehouden worden, zijn eerder het sluitstuk van een ander, nóg ingewikkelder discussie: die tussen politici en belanghebbenden. Lobby, of die nou plaatsvindt door lobbyisten of andere mensen die zich in de politiek mengen, is een essentieel onderdeel van het functioneren van de politiek.

Iedereen lobbyt. Lobbyen is het proberen sympathie te krijgen voor je (politieke) standpunt. Goede, ervaren lobbyisten kennen de mensen die ze moeten spreken, kennen de achtergrond van de politieke discussies, de onderwerpen, en zijn ervaren in hoe ze een boodschap moeten verpakken. Ervaren lobbyisten hebben dan ook ontegenzeggelijk een voorsprong op anderen in het bereiken van politici.

Goede lobbyisten zijn een zegen voor de democratie. Ze voegen kennis toe, overzien het speelveld, en kunnen politici helpen bij het maken van een afweging. Goede lobbyisten denken daarbij ook aan hun eigen reputatie; als je bij politici de indruk wekt dat je ze op wat voor manier dan ook niet eerlijk voorlicht, willen ze een volgende keer niet meer met je praten.

Maar hebben lobbyisten daarmee macht? De uiteindelijke beslissing over onderwerpen worden genomen door de politici zelf. En zij moeten zich verantwoorden. Het blijft de verantwoordelijkheid van politici om de inzet van lobbyisten te doorgronden, en zelf een afweging te maken. Transparantie hoort daarbij; goede lobbyisten en goede politici kunnen ten alle tijden uitleggen waar ze voor staan, en waarom ze bepaalde keuzes maken. Reputatie is alles; blind lobbyisten volgen is voor politici al even onverstandig als het voor lobbyisten is om proberen politici om te kopen. In beide gevallen weet je dat het ten koste gaat van je eigen functioneren.

Hoewel het uiteindelijke doel van lobby is om gedragingen van de overheid te veranderen, is een lobby gericht op het veranderen van het beleid van de overheid. Het gaat om het politieke spel.

Anders is dat bij clientelisme zoals dat nog steeds in sommige delen van Nederland bestaat. Het in achterkamertjes beinvloeden van gedragingen van de overheid, bijvoorbeeld door afspraken te maken over het verdelen van geld, invloed en macht, in ruil voor politieke steun, is weliswaar belangenbehartiging, en kan lijken op lobby, maar is dat niet.

Bij een lobby is er sprake van uitruil van gedachten; bij clientalisme uitruil van macht. Lobby is een essentieel onderdeel van de democratie, nepotisme en clientelisme helpen juist de democratie om zeep.

In mijn tijd in Feijenoord werd ik geconfronteerd met een samenspel van bepaalde partijgenoten, bewonersorganisaties en opbouwwerkers die van oudsher gewend waren macht, geld en baantjes onder elkaar te verdelen. De bewonersorganisaties, oud, blank en overwegend boos en teleurgesteld, waren de band met de rest van de inwoners weliswaar helemaal kwijt, maar bleven vasthouden aan even kostbare als nutteloze inspraakprocedures die er vooral op gericht waren hun macht te bestendigen. Ik heb geprobeerd daar wat aan te doen door de subsidies aan bewonersorganisaties op basis van hun activiteiten toe te kennen en het opbouwwerk zo in te richten dat het alle bewoners van de Deelgemeente ten goede kwam.

Het werd me niet in dank afgenomen en ik ben weggestuurd. En de huidige situatie? Dat Turkse bewoners van de deelgemeente proberen iets voor elkaar te krijgen is toe te juichen. Dat steeds meer Nederlanders van Turkse afkomst voor een politieke carrière kiezen is is prima. Zelfs als ze betrokken zijn bij hun achterban. Maar het mag niet leiden tot een situatie zoals ik die aantrof in 2006, waar in de achterkamertjes geregeerd wordt, maar dan door anderen. Of dat aan de orde is, kan ik vanuit Den Haag en Brussel, waar ik nu vooral mijn tijd doorbreng, moeilijk beoordelen, maar het is goed dat er onderzoek naar gedaan wordt.

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter

Woensdag 15 Mei 2013 om 11:41

Bij de bat mitswa van mijn dochter

In de synagoge waren volgens mijn echtgenote 200 mensen aanwezig; volgens mij 300. Het zullen dus wel 200 mensen geweest zijn. In het middelpunt; onze dochter M die een gedeelte van de dienst leidde en voorlas uit Thora en de Haftara.

Sommige mensen vroegen zich af waarom ze nou waren uitgenodigd. Andere mensen vragen zich af waarom er een blog over geschreven wordt. Ik zal proberen dat uit te leggen.

Maar eerst wat achtergronden van de bat mitswa zelf. Volgens de mishna (nidda 5:6) geldt, dat als een meisje twaalf jaren en een dag oud is, haar beloften blijvend zijn. Ook wordt daar gezegd, dat die geldigheid bij jongens pas ingaat als ze 13 zijn. Er zijn in ieder geval twee redenen voor dit verschil. Volgens Maimonides zijn meisjes eerder biologisch volwassen, daarmee eerder in staat te trouwen en niet meer onder de verantwoordelijkheid van hun ouders te vallen.

Maar er is nog een verklaring: bij de schepping werd van de man een rib weggenomen, waar de vrouw van werd gemaakt. De torah gebruikt voor het “maken” van de vrouw met het rib het woord wajiewen, hij bouwde (van bonee, bouwen), dat dezelfde stam heeft als bina, wijsheid. Daaruit wordt vastgesteld dat wijsheid bij de vrouw eerder komt dan bij de man. De meerderjarigheid en verantwoordelijkheid gaat terug tot talmoedische tijden..

Nieuw is het feest en de ceremonie. Hoewel er een bron is die zegt dat al aan het einde van de 18e eeuw al feestelijke maaltijden werden gehouden ter gelegenheid van de bat mitswa van een meisje (Abraham Chai ben Chayim Isaac Mussafia, volgens de Sefardische Opperrabbijn van Israel, Yitschak Nissim), werd tot de 19e eeuw de bat mitswa niet gevierd. En toen het gebruik in Europa (met name in Italië), Egypte en Bagdad ingeburgerd raakte, was het nog door een zegening in de privésfeer, een oproep voor de torah voor de vader van het meisje, een voordracht van de Rabbijn en een openbare voordracht van het meisje over Joodse aangelegenheden. Een bat mitswa zoals we vandaag vieren is een moderne Amerikaanse uitvinding. In Nederland dateert de eerste aankondiging van een bat mitswa in het NIW van de ouders van Keetje Wurms uit Amsterdam. Keetje is overigens maar 29 geworden.

Eén van mijn favoriete rabbijnen uit de Talmoed is Rabbah bar bar Channa. Niet alleen vanwege zijn bizarre naam (eigenlijk heette hij Rabbah bar Channa bar Channa) en omdat hij een beetje een outsider is (net als een andere favo van me: Nachum Iesh Chamzu, wat ‘Nachum de man van “Ook dit” ‘betekent), Rabbah bar bar Channa was de man van de stoere reisverhalen. Meestal overdreven en fantastisch; het waren dan ook parabels. Eén van zijn reisverhalen gaat erover dat hij met een boot onderweg was en een eiland zag. Met zijn reisgenoten ging hij van boord en ging op het eiland barbecueën. Het eiland bleek geen eiland te zijn, maar een vis. Die vond het maar niets dat er op zijn rug een vuurtje gestookt werd, dus hij draaide zich om. Rabbah en zijn vrienden konden zich maar ternauwernood redden en moesten terugzwemmen naar de boot. De verklaring is als volgt: de boot staat voor de Thora. Voor mensen geldt, dat je je soms veilig waant, maar dat die veiligheid vals kan zijn en dat je dan terug moet kunnen zwemmen. Eén van de redenen om onze kinderen kennis mee te geven van de gebruiken van onze voorouders, is omdat mensen, ergens tijdens hun leven, zich existentiële vragen kunnen stellen als “wie ben ik?”. En dan is het fijn als je terug kan zwemmen. Of je het doet, is overigens een vrije keuze. Dat dan weer wel.

Maar er is nog wat anders. En dat heeft te maken met het gedeelte van de Thora dat we deze week lezen: Bamidbar; het eerste stukje van het boek Numeri. Bamidbar betekent “in de woestijn” en is het eerste onderscheidende woord van het eerste gedeelte van het vierde boek van de torah. Het bestaat uit de verzen Numeri 1:1–4:20. Het gedeelte bestaat uit 7.393 letters, 1.823 woorden en 159 verzen. Dit gedeelte gaat over de volkstelling die gehouden wordt, en de plichten van de priester. In een jaar tijd wordt de hele Torah gelezen. Het boek Bamidbar — „In de woestijn” — begint met de opdracht aan Mosjé om een volkstelling te houden onder de mannen boven de leeftijd van twintig jaar— oud genoeg om dienst te doen. De telling levert iets meer dan 600.000 op. De Levieten worden later apart geteld. Zij zullen verantwoordelijk zijn voor het transport van de draagbare tempel en alles wat daarin staat en om dat weer in elkaar te zetten wanneer het volk zijn leger opslaat.

De stammen van Israël, ieder met zijn banier, worden in vier afdelingen rondom het draagbare tempel gerangschikt: oost, zuid, west en noord. Omdat de stam Levie apart gehouden wordt, wordt de stam van Jozef in tweeën gesplitst, Efraïm en Menasje, zodat er vier groepen van drie ontstaan. Wanneer het volk reist, gaan zij in dezelfde formatie als waarop zij gelegerd zijn in een kamp. De rol van de eerstgeborenen wordt ingenomen door de Levieten omdat zij niet bij het gouden kalf gezondigd hebben. De uitwisseling vindt plaats tegenover al de 22.000 Levieten van een maand en ouder. Maar alleen Levieten tussen de 30 en 50 jaar zullen in het draagbare tempel werken. De zonen van Levie worden verdeeld in drie families, Gersjon, Kehat en Merari (behalve de Kohaniem – een speciale afdeling van de Kehat-familie). De familie Kehat droeg de menora, de tafel en de Heilige Ark. Vanwege zijn grote heiligheid mogen de Ark en het altaar alleen door Aharon en zijn zonen worden ingepakt, voordat de Levieten het voorbereiden voor de reis.

Enige tijd geleden wilden ze ook Joden tellen, maar dan (Godwin alert!) uitkomen op nul. En dan citeer ik mijn grootmoeder: “They tried to kill us all. But look at us now”. Een individuele stap van een klein meisje als gevolg van de tortuur van de ouders wordt zo een politieke daad: we laten daarmee zien dat we bestaan, en doorgaan met onze tradities. En daar mag iedereen getuige van zijn.

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter

Woensdag 01 Mei 2013 om 09:38

De Internationale

Op het PvdA-congres van vorige week werd aan het einde traditiegetrouw De Internationale gezongen. Omdat niet iedereen de tekst kent, werd die op een groot scherm geprojecteerd, maar helaas met fouten. Omdat ik als kind in een ketel met socialisme ben gevallen (volgens sommigen ben ik er aan mijn hiel in ondergedompeld) ken ik de tekst uit mijn hoofd en vielen me de foutjes meteen op.
Nee, dan vroeger! Toen kenden de dames en heren partijgenoten de tekst uit hun hoofd, en zong men met gebalde vuist dit Socialistische Volkslied.

Er zijn mensen die vinden dat De Internationale achterhaald is en maar helemaal niet meer gezongen moet worden. Het is dan ook een goed idee om eens verder naar de tekst te kijken.

Om te beginnen: Wat is die Internationale nu eigenlijk? In dit geval gaat het om de zogenaamde "Tweede Internationale": een (internationaal, duh) gezelschap socialistische en sociaal-democratische politieke partijen dat tussen 1889 en 1916 bij elkaar kwam om de gezamenlijke, internationale belangen van de arbeiders te verdedigen. Deze Tweede Internationale heeft niet alleen De Internationale tot Volkslied benoemd, maar heeft ook 1 mei tot Internationale Dag van de Arbeid uitgeroepen, 8 mei tot Internationale Vrouwendag, en streed in het bijzonder voor de 8-urige werkdag; 8 uur werk, 8 uur rust en 8 uur ontplooiing was hun ideaal. Nou, de eerste twee hebben ze in ieder geval binnengehaald.

De Tweede Internationale was een voortzetting van de Eerste Internationale, ook bekend als de Internationale Arbeidersassociatie. Een bonte stoet aan partijen, vakbonden en andere groeperingen die voor gemeenschappelijke belangen opkwamen.

Door de industriële revolutie gebeurden een paar dingen: Voor het eerst was het mogelijk om op echt grote schaal te produceren. Goedkope arbeidskrachten maakten de producten goedkoper en we kennen de verschrikkelijke verhalen uit de fabrieken, die rond die tijd ontstonden. Als de arbeiders gingen staken, haalden de fabrieksbazen soms stakingsbrekers uit het buitenland. Om daar een stokje voor te steken organiseerden de arbeidersbewegingen zich internationaal. Zowel voor de werkgevers als de arbeiders was het makkelijker geworden om te reizen; dankzij de trein en de stoomboot was jij, je producten of je mensen uren of dagen, maar niet meer weken onderweg.

Ontwaakt, verworpenen der aarde!
Ontwaakt, verdoemden in hongers sfeer
Reedlijk willen stroomt over de aarde
En die stroom rijst al meer en meer.
Sterft, gij oude vormen en gedachten!
Slaafgeboornen, ontwaakt,ontwaakt!
De wereld steunt op nieuwe krachten,
Begeerte heeft ons aangeraakt!

Makkers, ten laatste male,
Tot den strijd ons geschaard,
en d’Internationale
Zal morgen heersen op aard.

De staat verdrukt, de wet is logen,
De rijkaard leeft zelfzuchtig voort;
Tot ‘t merg wordt d’ arme uitgezogen
En zijn recht is een ijdel woord
Wij zijn het moe naar andrer wil te leven;
Broeders hoort hoe gelijkheid spreekt:
Geen recht, waar plicht is opgeheven,
Geen plicht, leert zij, waar recht ontbreekt.

Makkers, ten laatste male,
Tot den strijd ons geschaard,
en d’Internationale
Zal morgen heersen op aard.

Ondanks het internationale karakter van de Tweede Internationale en de pogingen om Arbeidersbelang belangrijker te maken dan het landsbelang, viel de Tweede Internationale bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog uit elkaar.

Hierna kreeg je twee rivaliserende internationalen: de Socialistische Arbeidersinternationale (1923 - 1940), de voorloper van de Socialistische Internationale die vandaag de dag nog steeds bestaat) en de Derde Internationale, of Comintern, die van 1919 tot 1943 bestond, en gedomineerd werd door de Sovjet-Unie. Tussendoor had je nog de Vierde Internationale, opgericht door Trotsky en zijn volgelingen die door de Sovjet-Unie de deur waren gewezen.

Dat was allemaal vroeger. Maar ongebreideld kapitalisme komt nog steeds voor. Nog steeds buiten fabriekseigenaars hun werknemers uit. Kijk naar de ingestorte fabriek in Bangladesh. Binnen Europa hebben we het redelijk uitgebannen, mede dankzij de EU, maar verderop in de wereld...

Internationale samenwerking om onderdrukking te voorkomen, een politiek gebaseerd op rede en redelijkheid, een kritische blik op de staat en de wet en opkomen voor het recht om zélf over je leven te beschikken hebben niets aan actualiteit ingeboet. Geen rechten zonder plichten, en geen plichten zonder rechten. De Internationale kan dus nog wel even gezongen worden. Bijvoorbeeld vandaag.

Deel dit met anderen: These icons link to social bookmarking sites where readers can share and discover new web pages.
  • Add to favorites
  • Del.icio.us
  • email
  • Facebook
  • Google
  • Twitter