Collegialiteit van bestuur. Ook al iets van vroeger?

Vanavond met mijn dochter en wat weemoed naar CD’s van Shaffy geluisterd. Als Montessoriaan met een vader die schouwburgdirecteur was, toch iemand waar ik in belangrijke mate mee opgegroeid ben. Waarom dat Montessoriaan relevant is? Niet alleen omdat we natuurlijk veel aan zang en dans deden (en, haast ik me te zeggen, niet genoeg aan de meer traditionele schoolvakken), maar ook omdat Ramses Shaffy naar hetzelfde schoolgebouw ging als ik; in mijn tijd de dependance van de Montessorischool aan de Endegeesterstraatweg in Oegstgeest. Dezelfde school als waar AW Kist, Jan Wolkers (hij beschrijft het pad waar ik óók over liep in Terug naar Oegstgeest) en andere beroemdheden op zaten. Toen ik er zat waren de dokters nog te herkennen aan hun witte jassen en stonden er wel eens patienten (door ons gekken genoemd) van het ons omringende Endegeest aan het hek van het speelplein.

Het was het begin van de tweede helft van de jaren ’70 en ik herinner me dat er op de dag van onzs schoolsportdag verkiezingen waren. Natuurlijk hadden we het er in de klas over; ik herinner me een betoog van de op de Montessorischool beroemde Juffrouw Pannekoek.

Verkiezingen! En een gigantische overwinning voor de PvdA die van 43 naar 53 zetels schoot. Zoals bekend, werd men het niet eens over de invulling van de posten (er was wel een regeerakkoord gesloten), bleef de PvdA buiten de coalitie en ontstond het eerste kabinet Van Agt.

Achja, de oude politiek, met de grote namen waar sommigen naar terug verlangen. En de beginselen van het politieke bestuur die nu steeds meer en steeds vaker vergeten worden. Ik zie dagelijks dat de voorzitter van de kamer steeds vaker kamerleden eraan moet herinneren dat ze via de voorzitter moeten spreken. Dat de Koningin onschendbaar is en dat de ministers verantwoordelijk zijn voor haar uitingen vinden sommige mensen vreemd (het alternatief is dat het Staatshoofd zich actief met politieke discussies zou gaan bemoeien, iets wat nóch aanhangers van het Koningshuis, nóch republikeinen zouden moeten willen). En over de nieuwe invulling van Ministriële verantwoordelijkheid kan je je ook afvragen of het werkt. Soms lijkt het erop alsof Ministers hun ambtenaren als tegenkracht zien.

En dan de dilemma’s van de personendemocratie. Er is behoefte aan zichtbaarheid van beleid. Er is behoefte aan betrokkenheid. Maar dat laat onverlet dat beslissingen van een Minister beslissingen van het Kabinet zijn. Niet voor niets worden wetten door de Koningin getekend. Ik denk dat het -ondanks dat het goed is dat Ministers verantwoordelijkheid tonen- belangrijk is dat gezien wordt dat het beleid niet toevallig afhankelijk is van hen alleen: er is een ambtelijk apparaat, een Kabinet met een Staatshoofd. Daarom heb ik me ook wel verbaasd over de brief van de Minister van Financiën waar 55 keer het woord “ik” in voorkomt, één keer het woord “ministerie” (namelijk “mijn ministerie”, één keer het woord “kabinet”(“kabinetsvisie”), nul keer het woord “regering” en één keer het woord “ons” anders dan in “ons kenmerk”.

Reacties (2) Reageer

  1. Dat klinkt als iemand die 100% v/d verantwoordelijkheid op zich neemt!

  2. look up LIWC, overuse of the first person has a positive correlation to depression.

Reageer op GT Reactie annuleren

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.