Verkleining van de democratie.

Het idee van ons Kabinet om de volksvertegenwoordiging te willen verkleinen van 150 naar 100 Kamerleden stond al in het regeerakkoord, dus als een erg grote verrassing komt het idee niet. Maar het feit dat aankomend VP van de RvS Donner er nu een plan voor heeft gepresenteerd en met nadere argumentatie komt, is er een mooie aanleiding om nader hierop te reflecteren.

Er worden twee redenen gegeven: bezuinigingen en efficientie. Het salaris van een Kamerlid is ongeveer € 100.000, dus dit een bezuiniging van 50 zetels levert aan besparingen aan salariskosten toch al snel € 5 miljoen op. Per jaar. Daarnaast zijn minder stoelen, pc’s en andere voorzieningen nodig. Laten we zeggen € 10 miljoen. Zo’n beetje 1/10e van wat we jaarlijks aan het Koningshuis uitgeven. Die bezuinigingen zullen de eerste jaren niet gehaald worden, want aan wachtgelden en het ombouwen van het Tweede Kamercomplex om dit allemaal mogelijk te maken, kleven natuurlijk ook kosten. De werkdruk – toch al niet laag voor Kamerleden – zal stijgen waardoor de Kamer een terechte vraag zal doen naar meer ondersteuning. Dat zal een gedeelte van de bezuinigingen ook teniet doen. De symboliek erachter namelijk “in deze tijd van bezuinigingen, bezuinigt de politiek ook”, is op zich sterk, maar dan moet de voorgestelde bezuiniging ook gehaald worden, en ik betwijfel of dat gaat werken.

Het tweede argument is efficiency. Een kleinere kamer werkt effecienter en houdt zich meer met hoofdzaken bezig, zo is de overweging. Dat is een gevaarlijk argument. Immers: het is nóg effecienter om de kamer helemaal af te schaffen, of het aantal kamerleden te beperken tot één of twee. Er zijn daar goede redenen voor. Het grootste gedeelte van ’s lands budget ligt al vast; veel beleid wordt gemaakt door andere overheden of op de Ministeries en het maatschappelijk debat wordt grotendeeld gevoerd op andere plekken dan onder de stolp: in de pers, op internet, maar ook, bijvoorbeeld door hun aandacht voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen, door bedrijven. Als het gaat om effeciency, het nemen van beslissingen, het maken van beleid, is opheffen van de democratie echt een stuk eenvoudiger. Een land met één baas en alle oppositie in de gevangenis of dood, is voor het functioneren van het staatsbestel, in ieder geval in termen van efficientie, het makkelijkst. In Nederland hebben we niet voor dit model gekozen maar voor een democratie. Die vast soms gebrekkig en inefficient functioneert, maar wel een democratie.

Kortom: het belangrijkste wat een politicus doet is het in stand houden van een democratie. Af en toe de regering controleren, af en toe een wet initieren en af en toe de roeptoeter zijn van maatschappelijk levend ongenoegen hoort daar allemaal bij. Werkbezoeken, nonsens-initiatieven, rituelen, eindeloze stemmingen over puur symbolische moties en schier eindeloze sessies in een voor 95% lege Tweede Kamer met een enkele snurkende lobbyist op de Publieke Tribune. Ook dat hoort er allemaal bij. 

Niet dat het allemaal fantastisch gaat. Een wijze les die ik mee probeer te geven aan de jeugd is “praat over jezelf zoals je wil dat anderen over je praten”, en als Kamerleden zichzelf of de democratie niet serieus nemen, welke reden geven ze dan aan de Nederlanders om dat wel te doen?

Het komt wel eens voor dat er moties worden ingediend over zaken waar de Kamer niet over gaat. bijvoorbeeld omdat Gemeenten of Provincies er een rol in hebben. Het komt ook wel eens voor dat er discussies gevoerd worden over zaken waar de Politiek helemaal niet over zou moeten willen gaan. Bijvoorbeeld over zaken die normaal tussen mensen geregeld zouden moeten worden als “hoe begroet men elkaar”, of “welke kleding is acceptabel”. Of over zaken waar andere verantwoordelijken voor zijn aangesteld als “wat horen we op de radio” of “wat is een acceptabel salaris voor bedrijf XXXX”. Of zaken die eigenlijk bij de rechter thuishoren, zoals de te gebruiken strafmaat.

Een gevaar voor de democratie is dat de Kamer, op zoek naar relevantie, uitspraken gaat doen over zaken die tot het privé-domein van Nederlanders behoort, en dat was nou net niet de bedoeling van dit systeem. Dan ontstaat een dictatuur van de meerderheid, of kan zelfs een totalitaire staat met democratische legitimatie ontstaan. De essentie van democratie is niet de macht van de meerderheid, maar de bescherming van de minderheid.

In het verbeteren van de democratie is veel mogelijk. De transparantie van het politieke proces kan een verbeterd worden. Het effect van politiek handelen kan beter zichtbaar gemaakt worden. De betrokkenheid van Nederlanders bij het politieke proces kan verbeterd worden, niet in de laatste plaats door de Nederlander zelf. Een aantal ideeen daarvoor:

En voor Nederlanders:

Maar eerst gaan we van de betrekkelijke rust genieten die het reces ons biedt. Alles op zijn tijd.

Reacties (2) Reageer

  1. Guido Dijkstra

    In de hele discussie mis ik vergelijking met de grootte van parlementen in andere landen. Daaruit blijkt namelijk dat Nederland nu al aan de hoge kant zit als het gaat om het aantal inwoners per parlementariër. Met een verkleining van het parlement zal dit alleen maar toenemen en Nederland zelfs een outlier worden.

  2. Op zich een terecht punt. Ik heb het buiten de discussie gelaten omdat ik niet kan aangeven hoe het aantal vertegenwoordigden per kamerlid zich verhoudt tot de kwaliteit ervan. Een ander onderdeel van de discussie, waar ik ook nu niet op inga, is die van de rol van de kleine partijen. De SGP en de PvdD leveren elk op hun manier een bijdrage aan de discussie. Het is alleen jammer dat sommige andere partijen er soms niet op een volwassen manier op kunnen reflecteren 😉

Reageren

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.